Seks en intimiteit: de gewoonste zaak van de wereld

Ook als zelfstandig wonen niet meer gaat, moeten seks en intimiteit mogelijk zijn. En gelukkig weten heel veel zorgorganisaties en verpleeghuizen dat al: bijvoorbeeld door tweepersoonsbedden neer te zetten. Dat zegt ANBO in reactie op de publicatie Jezelf zijn in het verpleeghuis. Intimiteit, seksualiteit en diversiteit onder bewoners van verpleeg- en verzorgingshuizen van het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP), die vandaag, op valentijnsdag, verschijnt. In de begeleidende tekst leggen de onderzoekers uit dat over intimiteit en seksualiteit bij ouderen wordt vaak ‘lacherig’ gedaan wordt, en dat er weinig bekend is over de behoeften en opvattingen van ouderen zelf. ANBO ziet juist dat verpleeghuizen en zorgorganisaties steeds bewuster omgaan met de behoeften van bewoners en daar steeds beter over nadenken. “Seks en intimiteit is een ‘gewoon’ onderwerp geworden, dat besproken wordt als onderdeel van het verbeteren van de kwaliteit van leven in verpleeghuizen. De ambitie in veel verpleeghuizen is om ‘net als thuis’ te zijn, en daar hoort seks gelukkig gewoon bij”, zo zegt ANBO-bestuurder Liane den Haan.

Bekijk ook het dossier over intimiteit en seksualiteit op waardigheid & trots

Uit het onderzoek:

  • Eén op de zeven ondervraagde bewoners van verpleeghuizen en verzorgingshuizen (15%) mist romantisch of seksueel contact. Dat percentage ligt op 25 procent onder mannen en 85-‘ers. Daarentegen mist 82 procent dit type contact niet;
  • Het gemis aan romantisch of seksueel contact hangt samen met een negatievere ervaren kwaliteit van leven: bewoners die het missen, zijn minder gelukkig, eenzamer, hebben meer psychische problemen, ervaren minder levenslust en zijn ook minder tevreden met het leven;
  • Bijna de helft van de bewoners ervaart voldoende privacy om romantisch of seksueel intiem te zijn, 14 procent ervaart deze ruimte juist niet;
  • Bewoners denken positief over diversiteit: 82 procent vindt dat iedereen - ongeacht achtergrond, zichzelf kan zijn, 91 procent vindt dat de levensovertuiging wordt gerespecteerd en 73 procent heeft geen enkele moeite met homoseksueel of lesbisch verzorgend personeel;
  • Lesbische, homoseksuele en biseksuele (LHB) bewoners ervaren dezelfde kwaliteit van leven als hun heteroseksuele medebewoners. Zij verschillen niet in termen van geluk, eenzaamheid, psychische klachten, levenslust, tevredenheid met het leven, veiligheidsgevoel en de beoordeling van de interpersoonlijke zorg.

Zorginstellingen moeten wel bewuster rozevriendelijk worden

Wat betreft de onderzoeksresultaten onder lesbische, homoseksuele en biseksuele (LHB) bewoners is ANBO zéér kritisch. “Ik heb veel vertrouwen in het SCP, maar hier wordt voorbij gegaan aan een fundamentele generatiekwestie: mensen die openlijk homoseksueel zijn, zullen eerder het gevoel hebben dat ze zichzelf kunnen zijn, dan mensen die hun hele leven al het gevoel hebben dat ze zich moeten conformeren. Sinds we de Roze Loper uitdelen – een project dat ruim 160 zorg- en welzijnsorganisaties in ouderenzorg, GGZ en gehandicaptenzorg certificeerde op ‘rozevriendelijkheid’ – worden we geconfronteerd met vele persoonlijke drama’s. Mensen die door hun omgeving zo onderdrukt zijn, dat ze de kast nauwelijks hebben verlaten. Wanneer ze dat in een situatie komen waarbij ze afhankelijk zijn van anderen, zullen ze eerder verder de kast in gaan, dan zich bloot geven. Het is echt cruciaal dat hier oog voor is in alle zorg- en welzijnsorganisaties.” Uit eerder SCP-onderzoek bleek dat 17 procent van de 55-plus-mannen niet open is over zijn geaardheid en maar liefst 46 procent van de vrouwen. Hoe ouder men is, hoe groter de kans dat mensen niet zichzelf durven te zijn."

Lees meer over de Roze Loper van de stichting Roze 50+