ANBO bang voor verschraling Wmo

ANBO maakt zich, zeker met het oog op de toekomst, zorgen over de kwaliteit van de Wmo-voorzieningen. Dat is te lezen in een brief aan de Tweede Kamer ter voorbereiding van het algemeen overleg Wmo dat morgen plaatsvindt. ANBO ziet ten minste drie ontwikkelingen die ertoe kunnen leiden dat de Wmo-gefinancierde voorzieningen nog verder onder druk komen te staan.

Abonnementstarief

Het invoeren een vast abonnementstarief van € 19,- per maand voor Wmo helpt de mensen met de middeninkomens die zich geconfronteerd zien met hoge zorgkosten. In de praktijk zijn de hoge zorgkosten voor de mensen met middeninkomens nogal eens aanleiding om af te zien van het gebruik van zorg en voorzieningen. ANBO is daarom voorstander van het abonnementstarief, maar we zien ook een keerzijde. Er wordt geschat dat gemeenten veel minder inkomsten hebben en ook nog eens met hogere uitgaven geconfronteerd worden. De Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG) heeft al aangegeven dat als het budget niet toeneemt, dit ten koste zal gaan van cliënten die hun voorziening niet zelf kunnen regelen en betalen.

Tarieven huishoudelijke ondersteuning

Niet alleen de invoering van het abonnementstarief ook de te verwachte stijging van tarieven van de huishoudelijke hulp is van invloed op het budget waaruit gemeenten de Wmo-ondersteuning financieren. De reële kostprijs, die in 2016 van kracht is geworden, verplicht gemeenten reële tarieven te betalen voor de huishoudelijke hulp. Gemeenten moeten loonsverhogingen die in de cao worden afgesproken verwerken in hun prijsstelling. ANBO kan vanzelfsprekend goed vinden in deze maatregel, maar we vrezen ook dat als er niet meer budget beschikbaar komt, dit ten koste gaat van de kwaliteit en de beschikbaarheid van Wmo-voorzieningen. 

De rechter 

Op 22 augustus 2018 besliste de Centrale Raad van Beroep dat gemeenten niet van een burger mogen eisen dat hij preventief maatregelen treft en investeringen doet om te voorkomen dat toekomstige onzekere gebeurtenissen in zijn gezondheidstoestand leiden tot een beroep op maatschappelijke ondersteuning. ANBO is blij met deze uitspraak. Maar ook deze uitspraak heeft financiële gevolgen: een aantal gemeenten moet hun beleid aanpassen en vaker maatwerk leveren dan ze nu doen. Ook deze extra uitgaven mogen niet tot verschraling van de Wmo-voorzieningen leiden. 

Conclusie

Al deze ontwikkelingen kunnen leiden tot verdergaande versobering van de voorzieningen. En dat willen we pertinent niet. We maken ons in het bijzonder zorgen over de groep mensen zonder of met een klein pensioen. Zij zijn niet of nauwelijks in staat om extra (uren) zorg en/of ondersteuning in te kopen. Daarom pleiten we ervoor dat de middelen goed verdeeld worden, zodat iedereen van de juiste hulp gebruik kunnen blijven maken.  

Lees de brief aan de Tweede Kamer